Vrouwen
als
kracht
voor
vrede
In 2003 woedden in de wereld een twintigtal belangrijke gewapende
conflicten waarbij minstens 1000 doden vielen per conflict.
De meeste van deze oorlogen spelen zich af in arme landen
en gebieden waar vrouwen en meisjes nauwelijks rechten hebben,
waar geweld op vrouwen en discriminatie van vrouwen en meisjes
behoren tot de dagelijkse realiteit, waar hun stemmen in de
samenleving niet van tel zijn, waar het vrouwelijke geringschattend
wordt afgedaan als minderwaardig, waar vertekende stereotypen
van mannelijkheid en mannelijke almacht worden opgehemeld,
waar vrouwen en meisjes genegeerd worden en waar enkel mannen
en jongens belangrijk zijn. Oorlog wordt gewoonlijk voorgesteld
als een zaak van mannen. Dit is misschien waar voor het slagveld,
maar niet voor die plaatsen waar de oorlog het meest wordt
gevoeld: aan de basis van de burgersamenleving, in de lokale
gemeenschappen en in de gezinnen. In deze context kennen vrouwen
als geen ander de tol die oorlogen eisen. Dit hangt samen
met de rol, sociale status en maatschappelijke positie van
vrouwen in de samenleving. Op lange termijn creëren militarisering
en oorlog een cultuur van geweld en van logica van de macht
van de sterkste, waardoor vrouwen bijzonder kwetsbaar zijn
en waardoor verzoening tussen de strijdende partijen bemoeilijkt
wordt.
Ongeveer
75% van de vluchtelingen zijn vrouwen en kinderen. Verkrachting
wordt in toenemende mate gehanteerd als een oorlogswapen.
Door de veranderende aard van oorlogsvoering worden steeds
meer burgers in gewapende conflicten en oorlog betrokken.
De overgrote meerderheid daarvan zijn vrouwen en kinderen.
Men kan dus een ‘vervrouwelijking’ van de slachtoffers
van oorlog vaststellen.
In
die omstandigheden trachten vrouwen vanuit hun rol en maatschappelijke
positie niet alleen te overleven, maar ook om de burgersamenleving,
hun gezinnen en gemeenschappen overeind te houden. Het zijn
de vrouwen die gevangen in de oorlog de zorg voor de kinderen
en zwakken op zich nemen, die hun kinderen trachten op te
voeden en zelfs een toekomst te geven, die initiatieven nemen
om gezondheidsdiensten en onderwijs overeind te houden of
te herstellen, die solidariteitsnetwerken opzetten over etnische
en culturele barrières heen, die ervoor zorgen dat
het leven doorgaat, dat de gemeenschap blijft voortbestaan.
In alle oorlogsgebieden verzetten vrouwen zich met de middelen
die ze hebben, tegen de oorlog en tegen de logica van de oorlog.
Toch wordt aan deze unieke overlevingsstrategie van vrouwen
in oorlog doorgaans weinig aandacht besteed. Onterecht, want
hierin liggen ook de kiemen en de kracht voor verzoening en
vrede, voor heropbouw van de samenleving en voor duurzame
ontwikkeling. De VN heeft dit goed begrepen en heeft met resolutie
1325 van de Veiligheidsraad de rol van vrouwen in vrede en
veiligheid gespecificeerd. De resolutie benadrukt de noodzaak
vrouwen te betrekken bij alle vredesinitiatieven en roept
op tot een nauwere betrokkenheid van vrouwen bij de besluitvorming
ter zake.
De
cultuur van oorlog en geweld kan maar doorbroken worden en
vervangen door een cultuur van vrede en geweldloosheid als
zowel mannen als vrouwen de handen in elkaar slaan en ieder
vanuit hun eigen mogelijkheden samenwerken. Een aanpak van
de vredesproblematiek rekening houdend met de verschillende
rollen van mannen en vrouwen, is meer dan ooit noodzakelijk
en wenselijk. Daarom voert de Vlaamse Vredesweek van
24 september tot 3 oktober 2004 campagne met als thema ‘Vrouwen
als kracht van vrede’.
De
Vlaamse Vredesweek eist dat de federale en Vlaamse regering:
Samen
met de parlementsleden en het brede middenveld (vrouwen-
en vredesbewegingen in het bijzonder) een voortrekkersrol
spelen in de toepassing van Resolutie 1325 van de VN door
het opstellen van een actieplan en het vrijmaken van extra
financiële middelen.
Concrete
maatregelen nemen om de deelname van vrouwen aan het buitenlands
beleid, de diplomatieke vertegenwoordiging, vredesonderhandelingen
en vredesopdrachten te versterken.
Budgetten
vrij maken voor programma’s en activiteiten gericht
op de speciale noden van vrouwen en mannen in het proces
van reïntegratie en heropbouw na een conflict en op
de nieuwe rolbeleving en maatschappelijke versterking van
vrouwen.
In
het buitenlands, humanitair en ontwikkelingsbeleid steun
verlenen aan programma’s die inspelen op de (bijzondere)
behoeften van vrouwen en meisjes in oorlogssituaties, in
vluchtelingenkampen, in situaties van heropbouw en stabilisatie
van de samenleving.
Tot
slot roept de Vlaamse vredesweek ook alle steden en gemeenten
op om aandacht te besteden aan de specifieke behoeften van
vrouwen en meisjes in het kader van hun internationaal beleid,
en de initiatieven die zij ter zake nemen.
(Sluit
dit venster om terug te keren)
|