nieuws

Een lokaal vredesbeleid op maat van de stad Aalst

Het Vredeshuis Aalst is al jaren een trouwe partner van de Vlaamse Vredesweek. Bij de evaluatie van de vredesweek 2017 ijvert trekker Stefaan Van Den Abbeele ervoor om nog een stap verder te gaan in het engagement. Immers zo schrijft hij, “Aalst is niet alleen carnaval, maar voor mij vooral Adolf Daens en Louis Paul Boon.” Tijdens de vredesweek 2018 voegt het Vredeshuis daad bij woord.

De Vredesweek 2018 stelt met de slogan ‘Iedereen Thuis’ dat werken aan vrede begint in onze wijken, gemeenten en steden. De campagne vond plaats aan de vooravond van de lokale verkiezingen, het moment om op te roepen om te investeren in een lokaal vredesbeleid Lokale beleidsmakers hebben hierin een essentiële rol te spelen. Al staan ze er niet alleen voor. Dankzij de uitgebreide expertise van het partnerschap dat de Vredesweek uitdraagt, werden concrete aanbevelingen uitgeschreven op maat van het lokaal beleid.

Meer nog, in de stad Aalst, werden deze aanbevelingen verder uitgewerkt op maat van de lokale realiteit. Het Vredeshuis Aalst sloeg samen met 11 winnaars van de jaarlijkse Vredesprijs en 16 lokale organisaties (gaande van een scholengroep over de vakbond tot de Chiro) de handen ik elkaar. Het zogeheten ‘Comité werken aan de vrede’ liet zich inspireren door de aanbevelingen voor de gemeenteraadsverkiezingen van de Vlaamse Vredesweek en stelden aanbevelingen op op maat van de stad waar ze zich allemaal voor inzetten. Het resultaat is het memorandum getiteld 'Ja aan een politiek die investeert in ontmoeting, dialoog en vrede, ook lokaal’

De afsluiting van een bruisende Aalsterse Vredesweek

Met dit memorandum in de hand, ging de gemotiveerde ploeg in Aalst aan de slag. Tijdens de Vredesweek die liep van 21 september tot en met 2 oktober, werden verschillende inspirerende activiteiten georganiseerd. Eén daarvan was de Vredesweekavond op 2 oktober. Experten Jozef De Witte en Maarten Loopmans gingen tijdens de avond dieper in op de aanbevelingen uit het memorandum.

Uiterst interessante sprekers! Jozef De Witte heeft heel wat ervaring als onder andere  voormalig directeur van 11.11.11 en het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding (vandaag Unia). Maarten Loopmans op zijn beurt werkt aan de KU Leuven en is expert in wat betreft het samenleven in diversiteit, in het bijzonder de rol van sociale veldwerkers en ruimtelijke stadsprojecten.

Samenleven is elkaar uitdagen om van elkaar te leren

Loopmans onderzocht 35 initiatieven die diversiteit centraal plaatsen waaronder ook het Aalsters succesverhaal Aalst Mixt. Vanuit deze ervaring stelt de onderzoeker dat het succes van dergelijke initiatieven samenhangt met het feit dat deelnemers worden gestimuleerd om van elkaar te leren. Door met verschillende mensen eenzelfde activiteit uit te voeren, wordt uitwisseling gestimuleerd. Een veel terugkomend voorbeeld is zo bijvoorbeeld samen koken. Verbinding begint immers bij het delen van kleine dagdagelijkse activiteiten.

De toenemende diversiteit in onze samenleving is een uitdaging en verreist dat we ons allemaal aanpassen, zo stelt de onderzoeker. Samenleven zal enkel mogelijk zijn doordat we voor elkaar openstaan, met elkaar omgaan en elkaar leren begrijpen. Het gaat om meer dan het uitwisselen van praktische kennis of het samen functioneren, we moeten onszelf ook in vraag durven stellen.

Ontmoeting in de publieke ruimte

Thuis in de privé-setting zullen we minder snel uitgedaagd worden om onszelf deze spiegel voor te houden, wel als we de ander ontmoeten in de publieke ruimte. Loopmans specialiseert zich ook in zijn onderzoek op ontmoetingsplaatsen en lanceert de oproep om hierop in te zetten. Willen we met elkaar in contact komen, dan is het essentieel om de publieke ruimte te herwaarderen.

Maar hoe gaan we dan precies aan de slag met die publieke ruimte om ontmoeting te stimuleren? Wel, zo stelt de onderzoeker, we moeten vertragingen inbouwen. Met andere woorden, zorg ervoor dat voorbijgangers moeten stoppen voor ‘niet noodzakelijke activiteiten’. Een voorbeeld kan zijn speeltuigen waar kinderen voor stoppen of een gezellig bankje dat uitnodigd om met voorbijgangers te keuvelen. De onderzoeker haalt verschillende voorbeelden aan, enthousiast aangevuld door de verhalen uit het publiek.

Laten we de publieke ruimte terug innemen en activiteiten organiseren waarbij mensen ‘uit hun kot komen’. Hierbij is een continue wisselwerking nodig tussen vrijwillige initiatieven en ondersteuning met middelen vanuit het beleid. Een wisselwerking waar ook in Aalst heel wat potentieel zit. Al wordt er bij de aanwezigen in de zaal hier en daar gemord dat vrijwillige initiatieven veel te weinig ondersteund worden. Aan de nieuwe bestuurders om daarin een verschil te maken!

Aalst voor een kernwapenvrije wereld!

Het Aalsters memorandum eist ook dat de burgemeester zich uitspreekt voor een wereldwijd kernwapenverbod. Jozef De Witte beaamt dat we niet mogen opgeven en op dezelfde nagel moeten blijven hameren. Net zoals de Romeinse senator Cato Maior iedere toespraak eindigde met de woorden ‘Ceterum censeo Carthaginem esse delendam’ (overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden), moeten wij blijven herhalen dat we voor een kerwapenvrije wereld zijn. Daarom dan ook de oproep om van alle beleidsmakers inclusief het toekomstige beleid van de stad Aalst te eisen dat ze zich uitspreken in deze kwestie.

Investeren in vrede wereldwijd is ook in eigenbelang

Jozef De Witte ondersteunt ook de ondertekenaars van het Aalsters memorandum in hun eis dat het lokaal bestuur budget moet vrijmaken voor lokale vrede elders in de wereld. Het ondersteunen van projecten die inzetten op vredesopbouw heeft immers een duurzame impact.

Bovendien, het gaat om meer dan enkel solidariteit, het is ook in ons eigenbelang. Mensen verlaten immers niet zomaar hun huis. Als we investeren in vrede en het wegwerken van ongelijkheid, dan kan men ook in eigen regio een mooie toekomst uitbouwen. 

Verschillend maar gelijk in rechten en waardigheid.

Tot slot komt ook de oproep om te investeren in vredeseducatie aan bod. Jozef De Witte stelt voor om meer aandacht te besteden aan de mensenrechten, een fundament van onze samenleving dat maar al te vaak uit het oog verloren wordt. Zo zou het lokaal onderwijs aandacht kunnen besteden aan 10 december, de internationale dag van de mensenrechten.

‘Alle mensen wordt geboren gelijk in rechten en waardigheid’, zo staat in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. “Pas op”, zo stelt Jozef De Witte. “Er staat niet dat alle mensen gelijk zijn”. Een belangrijke nuance, we mogen van elkaar verschillen, er andere meningen en waarden op nahouden.

Willen we samenleven in onze wijken, gemeenten en steden, dan is dit een essentiële boodschap. Laten we de verschillen accepteren en van elkaar leren! Maar ook, laten we geïnspireerd door Maarten Loopmans en Jozef De Witte en met het Aalsters memorandum in de hand samen met het lokaal beleid werken aan vrede!

 

partners