nieuws

 

'Er bestaat geen magische oplossing' over polarisatie en wij-zij denken

De Nederlander Bart Brandsma schreef in 2016 zijn denkkader over de werking van polarisatie neer in het boek ‘Polarisatie: inzicht in de dynamiek van wij-zij denken’. De sociale en politieke filosoof ontleedt het mechanisme van de polarisatie: het denken in tegenstellingen. Hij definieert drie pijlers van het polarisatiedenken die hij ‘basiswetten noemt’. De eerste basiswet is het gegeven dat het in essentie om gedachteconstructies gaat, niet om feiten. Het polariseren gebeurt via bepaalde denkprocessen in ons hoofd: we delen mensen op in categorieën, we zien tegenstellingen en hechten daar kwalificaties aan van goed en fout. Dit polarisatiedenken kan echter niet bestaan zonder brandstof: dat is de tweede basiswet. We voeden dat denken met uitspraken, meningen over ‘de ander’. En als derde basiswet poneert Brandsma dat polarisatiedenken een gevoelsdynamiek kent: het is deels rationeel, maar ook deels irrationeel. Hierbij aansluitend definieert hij verschillende rollen binnen een dynamiek van polarisatie. Zo zijn er de pushers, zij die de uitersten vertegenwoordigen en door het benadrukken van de groepsidentiteit brandstof leveren. Joiners zijn zij die kleur bekennen en meedoen met de pushers. Vervolgens heb je ook een groep mensen die in het midden staat, the silent: zij zijn neutraal, onverschillig of genuanceerd. De vierde rol die Brandsma identificeert, neemt een actievere positie in. Bridge builders proberen beide partijen te verbinden. Niet evident, want door de uitersten aan het woord te laten, wordt de situatie zelfs met de beste bedoelingen soms alleen maar erger. Tot slot, als de polarisatie extreme vormen aanneemt, wordt op zoek gegaan naar een zondebok; zij moeten het ontgelden. Onderstaande tekening verduidelijkt alvast het één en ander. Brandsma’s analyse van de polarisatiedynamiek wordt bijzonder gunstig onthaald. Sindsdien is hij een druk bevraagde spreker, zowel in Nederland als daarbuiten. Ik ontmoet Bart Brandsma in hartje Brussel. Hij heeft er net een lezing opzitten voor het OVSG, de Vlaamse Onderwijskoepel van Steden en Gemeenten.

U bent ondertussen een veelgevraagd spreker, ook in Vlaanderen. Waarom is er juist nu zoveel aandacht voor uw werk?

Bart Brandsma: Het denkkader ligt al 10 jaar op de planken en is in die tijd uitgekristalliseerd. Maar het is waar dat ik pas recent merk dat mijn ideeën een enorme respons krijgen. Vorig jaar publiceerde ik ze dan in mijn boek ‘Polarisatie: inzicht in de dynamiek van wij-zij denken’. Ik begon over polarisatie na te denken toen ik nog werkte voor de Nederlandse Moslimomroep. Ik maakte er documentaires en zag dat het beeld dat vaak van moslims wordt geschetst niet correct is. Het is erg duidelijk dat we hier te maken hebben met een wij-zij-denken. Maar als je vervolgens uitzoekt hoe je moet omgaan met polarisering is daar weinig over te vinden. Ik googelde ‘polarisatie hantering en polarisatie management’ en er kwam letterlijk niets naar boven. Dan ben ik zelf maar beginnen nadenken over de dynamiek van polarisatie. Ik denk dat er een kentering in de maatschappij is gekomen met de huidige ‘vluchtelingencrisis’ en de eerste aanslagen in Parijs. Er kwam steeds meer aandacht voor de aanpak van radicalisering. In plaats van nu die ene radicale aan te pakken, ontstond gelukkig steeds meer het besef dat we naar duurzamere modellen op lange termijn moeten werken. Polarisatie neemt daarbij een sleutelpositie in. In zo’n context wordt heel concreet nagedacht over depolariseren; strategie om te werken aan meer cohesie en samenwerking. Als we nu polarisatie googelen, komen we automatisch uit bij uw website: polarisatie.nl. Dat de nood hoog is, lijken de feiten te bewijzen. Kazerne Dossin, partner in de Vredesweekcoalitie, werkt aan een workshop op basis van uw model. Op welke plaatsen komt u zoal? Welke organisaties of groepen vragen u? Brandsma: Met Kazerne Dossin heb ik intensieve samenwerking, maar ook met het Vlaamse specialistennetwerk Ufungu. Google dat maar eens. Via mijn werk met de Nederlandse politie kwam ik in contact met commissaris Luc Van Der Taelen, van de federale politie-eenheid ter preventie van radicalisering. Zo begon ik ook lezingen te geven voor Belgische en Europese politie. Via het rijke netwerk van Luc kwam ik geleidelijk in contact met andere sectoren. Ik werd bijvoorbeeld gevraagd om mijn denkkader te introduceren binnen het gevangeniswezen, ik gaf een tweedaagse workshop aan het Koninklijk Atheneum van Antwerpen. Het is soms een kleine wereld: zo kwam ik Karin Heremans, directrice van het Koninklijk Atheneum Antwerpen, ook tegen op een conferentie over radicalisering in Wenen.

Als u in een school komt, geeft u dan workshops aan de leerkrachten of aan de leerlingen? Wat is het doelpubliek?

Brandsma: In de eerste plaats aan professionals. In de gevangenissen gaat het bijvoorbeeld specifiek om directieleden en medewerkers van de psychologische dienst, op scholen werk ik met leerkrachten en directie. Politiemensen, of groepen burgemeesters, buurtwerkers en dialoogwerkers. Ik introduceer bij hen het theoretisch kader, zij gaan ermee aan de slag en vertalen het naar hun werkpraktijk. Hoe gaat dat concreet in zijn werk? Ik kan me inbeelden dat zeker dat toepassen in de praktijk niet altijd evident is. Brandsma: Er bestaat geen magische oplossing. Essentieel is dat het denkkader begrepen wordt. Zo kan ieder voor zich afstand nemen en zijn eigen rol bekijken. Vaak beseffen we niet dat we zelf een duidelijke positie innemen in de polarisatiedynamiek. Tijdens de workshop die ik zojuist gaf, bekende een deelneemster bijvoorbeeld dat ze van zichzelf dacht dat ze altijd een neutrale positie innam, terwijl zij eigenlijk een pusher is die haar leerlingen van haar gelijk probeert te overtuigen. Dergelijke inzichten zijn heel waardevol om met de problematiek van polarisatie aan de slag te gaan. Het is aan de professionals om deze kennis met mijn methode in praktijk om te zetten. Ik laat ze werken met game changers.

U komt vaak in België. Merkt u een verschil tussen Vlaanderen en Nederland?

Brandsma: Dat is zeer gelijkaardig. Ik zie in grote lijnen dezelfde uitdagingen. De grootste uitdagingen die in mijn workshops en lezingen naar boven komen, zijn zeer praktisch.  Dat ligt in de lijn van wat ik zojuist vertelde. Het is vooral zoeken naar antwoorden op vragen als: hoe moet ik positie kiezen? Hoe voorkom ik een pusher te worden en kan ik het midden versterken?

Niet evident in een context waarin media en politiek vandaag juist olie op het vuur lijken te gooien. Hoe komt het dat beide zo problematisch zijn en hoe kunnen we hier op een duurzame manier verandering in brengen?

Brandsma: Politici willen zich positioneren om een zo groot mogelijk groep te bereiken. Ze worden gedreven door wat ik in mijn theoretisch kader ‘het zichtbaarheidslijntje’ noem. Hierdoor zijn ze automatisch minder met het midden bezig. Ze worden zelf pushers en versterken de polarisatie, of trekken de kaart van bruggenbouwer, met het riciso om in extremis als zondebok te eindigen.

En de media?

Brandsma: Journalisten zijn getraind in een strategie van woord en wederwoord. Ik gaf een training aan televisiejournalisten in Denemarken. Zij kwamen al snel tot de conclusie dat ze hierdoor uitgerekend de polen versterken. Het vraagt specifieke aandacht om ook, wat ik telkens ‘het vraagstuk van het midden’ noem, te belichten in de berichtgeving.

Tijdens de Vlaamse Vredesweek 2017 willen we hier dan ook een debat over organiseren.

Brandsma: Goed om hiermee bezig te zijn. Maar je moet opletten met debatten. Dat is juist een setting waarbij posities worden afgebakend. Door vragen te stellen als “waar sta jij?”, draag je bij aan de polarisatie. Daag liever mensen uit tot het onderzoeken van een vraagstuk, werk en spreek vanuit een houding van nog-niet-weten. Ik raak zelf soms zo uitgekeken op mensen die dingen zeker denken te weten. Dat zie je heel sterk bij het publieke debat over vluchtelingen. Organisaties uit het middenveld gaan in de verdediging voor vluchtelingen en komen op voor hun rechten. Maar door te sterk positie te gaan kiezen, wordt polarisatie juist verder op de spits gedreven. Dat maakt constructieve dialoog moeilijk.

Bedankt voor uw waardevol advies! Wat mogen we van u in de toekomst verwachten?

Brandsma: Ik ga me vooral concentreren op het doorontwikkelen van het denkkader. Ik bied met anderen een basistraining aan, en ik zet ook specifiek in op vormingen over mediative speech (bemiddelend spreken) en behavior (attitude). Beide zijn immers essentieel om te kunnen depolariseren. Ondertussen is er ook de website polarisatie.nl en het boek waar de basisconcepten terug te vinden zijn. Zo kunnen mensen zichzelf trainen en het toepassen op de eigen context met eigen methodes.

Lees meer inspirerende interviews in het inhoudelijk dossier van de Vredesweek. Hier terug terug te vinden!

partners